De kleine brokkenpiloot
May 2nd, 2012
Toen ze acht maanden was en plots een achterwaarste salto uit haar trip trap maakte en met haar keikopke op de grond belandde had ik het al moeten weten. En toen ze één was en ze op deuren afrende en niet vertraagde maar gewoon haar ogen dicht deed had ik het al helemaal moeten weten. Kleine Leo is een brokkenpiloot.
Nu ze bijna drie is zette ze een tandje bij. Eerst kreeg ze ruzie met de houten trein op de speelplaats. De houten trein won.
Toen de blauwe sjiek regenboogkleurig werd, was haar armpje aan de beurt.
Daar was enkel een ongelukkige val op de trampoline van de buren voor nodig. Het pijntje bleek algauw een Heuse Pijn en we vonden er niets beters op dan haar 2 uur plat te knuffelen. Toen de bijna driejarige na 2 uur ouderliefde beleefd vroeg of we misschien ijs op haar armpje konden leggen gaven Koekie en ik elkaar net geen speekmedaille voor Slechtste en Meest Onpraktische Ouders ooit.
Toen de volgende dag onze linkshandige haar linkerhand volledig links liet liggen en vooral veel pijn had overwogen we toch maar de spoed. We overtuigden haar door te vertellen dat ze dan haar eigen skelet zou kunnen zien op de foto’s. En we gebruikten ook termen zoals ‘vet cool’! How low can you go als je een peuter in pain moet overtuigen. Inderdaad.
Enkele uren later kreeg ik een beteuterde peuter terug. Die blijkbaar tegen elke dokter had gezegd dat ze niet klein, maar middelgroot is. En die haar open gips volgende week voor een maandje mag inruilen voor een kleurige waterdichte gips. Dat wordt een waterdichte verjaardag.
Hopelijk is de vaste gips paasei-proof.
Gisteren viel ze bovendien ook nog eens haar knietjes kapot. Waarom ook niet.




















































